‘The sun goes down’. Het nummer van Thin Lizzy stond prominent genoemd rechtsboven in de hoek van de overlijdensadvertentie, afgelopen woensdag in de Limburger. Ik las zijn naam en meteen zag ik hem voor me. Zijn lach en z’n pretogen als markante herkenningspunten in de herinnering die ik van hem heb. Huub. Achter zijn naam stond tussen haakjes nog: ‘vaan ’t Träpke’. Daaraan terugdenkend zag ik hem staan achter het buffet. In het beeld van die herinnering waren het precies diezelfde lach en dezelfde pretogen die opvielen. Zaterdagochtend hoorde ik dat hij er 10 jaar lang de zaak gerund had. Tijdens zijn afscheidsbijeenkomst in de Mèrthal, bleek dat zijn glimlach en z’n pretogen niet alleen in mijn herinnering onlosmakelijk met hem verbonden zijn. Integendeel.
‘The sun goes down’ was zaterdagochtend als welkomstlied voor Huub en alle aanwezigen te horen. Via spotify heb ik het opgezocht en ik luister er nu opnieuw naar. ‘But when all is said and done, the sun goes down’ hoor ik. De afscheidsbijeenkomst was in de Mèrthal, omdat elke andere locatie waarschijnlijk niet het aantal mensen had kunnen herbergen dat afscheid van hem kwam nemen. Huub vond het belangrijk dat iedereen na het afscheid ook nog een kop koffie of thee bleef drinken. De bijeenkomst was namelijk niet alleen bedoeld om verdriet te delen, maar vooral om het leven te vieren. Een mooie gedachte die Huub ons posthuum mee wilde geven. ‘He comes and goes… the sun goes down’.
Alle foto’s die op het grote scherm verschenen, lieten afwisselende maar ook confronterende beelden zien. Aan de ene kant zijn positieve kijk op het leven in allerlei facetten en aan de andere kant de steeds negatievere werkelijkheid die het leven hem de laatste jaren te bieden had. De behandelingen die hij zes jaar lang onderging vergden veel van hem. Lichamelijk teerde hij in. Op de ene foto nog rond en stralend in Gambia, gevolgd door een foto waar het verval en de aftakeling onmiskenbaar zichtbaar waren. Ik zag hoe de ziekte hem ouder had gemaakt dan hij was. Zijn glimlach werd wat vager. Maar in de verhalen hoorde ik dat tot aan z’n laatste dagen zijn ogen de twinkeling hadden behouden.
Een ontmoeting met Huub staat me nog goed bij. Het was in het ziekenhuis in Venlo. Ik was daar met m’n zus en hij was daar, gewoon omdat hij daar heel vaak was. Hij bleek toen al vier jaar ernstig ziek. Die ontmoeting is alweer twee jaar geleden. Ik herinner me zijn positieve levensinstelling. Misschien toen al wel onuitgesproken tegen beter weten in. Maar hij deed er alles voor om gezond te worden. Want hij was nog met zoveel dingen bezig. En hij wilde nog zoveel doen. Voor de achttiende keer naar Gambia gaan bijvoorbeeld. Medisch gezien een enorme uitdaging. Maar hij wilde daar wel voor gaan. Het leek hem energie te geven. En weer zie ik zijn pretogen en die glimlach voor me.
Zijn nichtje Kim sprak namens de andere neven en nichten. Met ontroering in haar stem vertelde zij over haar ervaring met Huub tijdens zijn laatste dagen in het hospice. Zijn glimlach en zijn pretogen zou ze nooit meer vergeten, vertelde ze. Voordat ze weer plaatsnam tussen de andere neven en nichten, knuffelde ze Marian stevig. Vanaf de plek waar ik zat, zag ik vervolgens aan de lichaamstaal van Kim dat elke andere herinnering die daarna over Huub werd gedeeld, bij haar steeds momenten van herkenning opriep. Bijvoorbeeld bij de emotionele toespraak van een bestuurslid van de stichting CASA-Gambia. Een stichting waar Huub, aan het begin van zijn ziekte, spontaan zijn medewerking aan had toegezegd.
Na afloop, bij de koffie, kwam de afgevaardigde van CASA-Gambia een moment aan de tafel staan. Ze vertelde hoe Huub haar destijds spontaan had aangeboden iets voor Gambia te willen betekenen. Hij was zelf al 17 keer in het land geweest en deelde de passie van de stichting om de inwoners van dat land te helpen. Vanaf dat moment was een indrukwekkende samenwerking ontstaan. Niet vreemd dat Huub nog graag een keer naar Gambia had willen gaan. Een wens die door zijn ziekte helaas niet te vervullen bleek. Maar zijn drive om iets voor het land en haar inwoners te betekenen, bleef tot het allerlaatst en oversteeg zelfs zijn afscheid.
In gedachten was hij er bij toen ik bij de koffie voor het eerst kennis maakte met de mensen achter de Gambia-stichting. Ter nagedachtenis aan Huub wil ik daarom dit ‘in memoriam’ besluiten met het noemen van de website van de stichting die Gambia in woord en daad blijft ondersteunen: www.casa-gambia.org. Op de foto’s die daarover zaterdagochtend en -middag op de muziek van Thin Lizzy werden getoond waren het opnieuw zijn glimlach en pretogen die de constante factor vormden. Ik hoop dat alle achterblijvers troost putten uit die herinnering. Een herinnering die niet alleen glimt en lacht, maar ook zorgt voor een vervolg van al datgene waar Huub voor stond. Tijd gaat snel voorbij. De kracht van ogen die twinkelen is echter tijdloos. The sun goes down, maar dankzij mensen zoals Huub, gaat die ook altijd weer op.
Nog meer info over de stichting? Klik hier



Een halve liter alcoholvrije Franciscaner is een prima begin van een aantal uurtjes mensen kijken. Het hele terras zit vol. Allemaal verschillende mensen. Jongere stellen, oudere echtparen, vriendengroepen, dameskransen, van alles door elkaar. Een enkele eenling die, net als ik, geniet van het opgaan in een mengelmoes van gezellig rumoer en prettige bedrijvigheid. Tenminste, dat neem ik aan. Want ik realiseer me dat het genieten van eenieder uiteraard niet vanzelfsprekend is. Wat zou er omgaan in al die hoofden? Praten ze over onderwerpen die hen echt bezig houden, of is het vooral oppervlakkige terraspraat? Het mooie van terrassen in je eentje is dat je van alles wel wat mee krijgt.
In de familieapp verschijnt een mooie foto van Pip en Joris met het onderschrift ‘cheeeese’ gevolgd door een rood hartje. Hun moment is nu op Pinkpop. Zo te zien genieten ze. Zouden daar ook dobbelende Duitsers zijn? En mensen in rolstoelen of met rollators? Van een tafeltje verderop hoor ik dat het gisteren op Pinkpop met 70.000 bezoekers zó druk was, dat het halen van een pilsje een uur duurde. En dat men voor een eenvoudige pleister om een blaar af te plakken een consumptiebon vroeg… Achteraf nog in een urenlange file gestaan. Maar wél Pearl Jam gezien en dat was gelukkig heel mooi geweest. Hoe zou het Eddie Vedder zijn vergaan? Deze keer geen stagedive, zoals in 1992, lees ik. Maar blijkbaar wel in hetzelfde groene t-shirt. Dat ook weer nat van het zweet was. De geschiedenis herhaalt zich in onderdelen. Net zo lang tot de toekomst op is. En dat voelt best lekker op dit moment, hoe het ons ook zal vergaan. Proost.
Wekenlang een komen en gaan van kleurige pracht. Mooi in alle fases van ontwikkeling. Van stevig piepend en nog groen,
tot fragiel, bijna vervallen maar des te feller gekleurd.
Steeds als er weer een bloemblad wordt losgelaten, lijkt het alsof de tulp tegelijk iets verder doorbuigt, als wilde ze de grond kussen waar alles begon.
Met zorg en aandacht heeft Thea de tulpenbollen vóór de winter in de tuinaarde gepoot. Er is een koudeperiode nodig om de bollen onder de grond te laten ontkiemen. Eerst kou om in een latere fase de warmte op te kunnen zoeken. In de zomer, rond deze tijd, verlaten ze een voor een voorzichtig de duisternis van de aarde en gaan gericht op zoek naar de warmte van het licht. En daar zijn ze mooi, in elke fase van hun groei.
Ik schreef ooit dat wanneer mensen komen te overlijden, ik me kan voorstellen dat ze een nieuwe fase ingaan. Wat ik dan een troostrijke gedachte vind, is dat je als nabestaande de ziel van je dierbare in de dingen om je heen kunt zien. In een fladderende vlinder bijvoorbeeld, of een golvend voorbijvliegende groene specht in een schaduwrijk bos. Waarom zou een voltooid mensenleven dan niet geprojecteerd kunnen worden in de prachtige kleuren van een tulp.
De thema’s van deze herdenkingsdienst zijn niet voor niets ‘tulp’ en ‘nieuw leven’. Lucie heeft u daarover al verteld. En nu ik naar de vaas op tafel kijk,
zie ik het nog duidelijker. Elk felgekleurd vallend blad, elke buigende bloem, heeft woorden van troost in zich verborgen. Een hele tuin van tulpen is zo elk seizoen weer een stille symfonie van medeleven.
Elke tulp, eerst vriendelijk wuivend in de wind, wil straks gehoord worden als u ze in de vaas zet.
Terwijl haar leven zich naar het einde toe boog, gaf haar ziel nog meer kleur aan de dingen om ons heen.
zo gaf zij ons de levende herinnering aan wat altijd zal duren en overal kan zijn. In een fladderende gele vlinder. Of in een vliegende groene specht.
Maar zeker ook in een vallend tulpenblad. Want als een tulp al haar bloembladeren heeft laten vallen, dan zie je pas goed hoe mooi de kern eigenlijk is.
De kern waar toch weer leven in zit.
