Na de bui…

veel mensen 
lopen over straat
heel veel elektrisch 
fietst voorbij
op het terras
veel loos gepraat

er kan nu even 
niets voor mij

de tijd gaat 
met ons aan de haal
en telkens 
houden we ons groot
och, eigenlijk 
zijn we allemaal

toch al een heel
klein beetje dood…

🙂

Kraai en buizerd…

Elke keer als ik er zit, ziet het er weer iets anders uit. Ook het geluid om me heen klinkt weliswaar vertrouwd maar heeft toch een uniek karakter. Eigenlijk is het in samenhang steeds anders. De bank onder de eik. Het kruisbeeld. Drie vaste elementen waarvan je zou kunnen zeggen dat die in samenhang toch een constant trio vormen. 

Maar nader beschouwd is ook daar de samenhang steeds anders. Er ligt een klein takje van de eik voor mijn voeten. De eik heeft het los gelaten waardoor het volle bladerdak net even iets minder vol is geworden. Op de bank kroop zojuist een mier. In samenhang is ook de bank elke keer anders.

Alleen de Jezusfiguur aan het houten kruis lijkt een constante factor in het geheel. Ik zie tenminste niet iets dat recent veranderd lijkt. Ik kijk naar de geschilderde bloeddruppeltjes die als gestolde rode regen zijn aangebracht. Op zijn borstkas bloed uit een sneetje. En bij zijn handen en voeten, daar waar spijkers hem hebben vastgenageld. Rond het jaar 0 (of 33 jaar later?) moet dat echt gebeurd zijn. Of alle details die ik nu zie conform de werkelijkheid van toen zijn, dat durf ik niet te zeggen. 

Diep gravend in mijn geheugen denk ik terug aan mijn communie en aan de kerkdiensten die ik daarna steeds minder vaak ben gaan bijwonen. Ik zie in gedachten de pastoor de kelk optillen. Wat zei hij dan ook alweer altijd? ‘Drinkt hier allen uit want dit is het bloed dat voor u en alle mensen vergoten wordt, ter vergeving van uw zonden’. Zoiets was het. Ik zoek het op want nu wil ik het zeker weten.

Jezus’ woorden tijdens het Laatste Avondmaal: “Neem, eet, dit is mijn lichaam” van het brood; en van de beker: “Drink hieruit, allen, want dit is mijn bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden” (Matteüs 14:15).

Heel veel zat mijn geheugen er dus niet naast. Wel zie ik dat ik het bloed voor ‘alle mensen’ heb laten vergieten, terwijl Mattheüs wat kieskeuriger lijkt, als hij het over ‘velen’ heeft. Afijn, interpretatie is sinds toen tot op de dag van vandaag nog vaak voer voor discussie. Of erger, voor strijd.

Van strijd is hier op het bankje niets te merken. Vanaf camping de Gortmeule hoor ik kinderen spelen. Stond daar ook niet iets over in de bijbel? Laat de kinderen tot mij komen? Weer even opzoeken. Volgens Google Marcus 10:14. Letterlijk onthouden. 

Ik hoor nu een haan kraaien. Twee keer. En een derde keer. Vier… gelukkig. Ik denk dat ik maar weer eens verder fiets. De haan kraait voor de vijfde keer. Er waait een fris briesje. Zes en zeven. Is die net wakker? Acht. Ook dat zou ik even op kunnen zoeken. In de verte hoor ik klokgelui. Het is kwart voor elf. De mis van elf uur? De haan kraait weer. Een kraai krast en probeert een buizerd in de lucht te verjagen. Vogels fluiten om me heen. Alles gaat door. Ik ook. Misschien zometeen ergens anders nog een fietsgedicht…

1000 sterren…

De verpleegkundigen en de vrijwilligers van Hospice Doevenbos vierden vrijdag 24 april het 10-jarig bestaan van het hospice. Mijn plek in het bestuur van de Stichting Vrienden van Hospice Doevenbos vindt zijn oorsprong in een eerste kennismaking 10 jaar geleden. In mei 2016 was mijn zus een van de eerste gasten. Twee dagen maar, maar die dagen zijn daar door de goede zorgen van verpleging en vrijwilligers op een hele respectvolle en indrukwekkende manier verlopen.

Halfjaarlijks worden nabestaanden uitgenodigd bij een gezamenlijke afscheidsceremonie. In 2016 was die in november en daar heb ik toen mijn ervaringen mogen vertellen. Ik vertelde over mijn zus en over die twee dagen dat zij in het hospice verbleef. Toen ik gauw genoeg daarna een verzoek kreeg om plaats te nemen in het bestuur van de Vrienden van Hospice Doevenbos, hoefde ik niet lang na te denken.

Nu, 10 jaar later, mag ik nog steeds aan elke afscheidsbijeenkomst van het hospice een bijdrage leveren. Ik vertel een verhaal, waarin ik mijn ervaringen van toen koppel aan het gekozen thema van de bijeenkomst. En ook dat samenzijn wordt door vrijwilligers en verpleegkundigen op een hele betrokken manier ingevuld. Ook bij de Vrienden draag ik nog steeds mijn steentje bij. Mooi om mijn betrokkenheid bij het hospice op die twee manieren te kunnen tonen.

In 10 jaar tijd zijn er bijna 1000 gasten in het hospice geweest. Duizend gasten, waarvan de namen in al die afscheidsdiensten in de afgelopen 10 jaar zijn genoemd. Afgelopen vrijdag mochten vrijwilligers en verpleegkundigen zelf even feestvieren. Ze hadden ‘1000 sterren’ als thema gekozen. Ik was gevraagd of ik een gedicht wilde schrijven voor die gelegenheid. Met in gedachten mijn eigen ervaringen van 10 jaar geleden en alle speciale momenten daarna, is het gedicht ‘Voor altijd…’ ontstaan. Een eerbetoon aan het hospice, maar vooral aan de mensen die daar op wat voor manier dan ook bij betrokken zijn. Voor altijd…

Hart in ’t zand…

vlakbij waar ooit 
een kruisbeeld stond
markeert een hart
gewijde grond

opvallend,
liefdevol, markant
dat hart,
getekend in het zand

mijn ouders hebben
heel misschien
de hartjestekenaar
gezien…

die even bij hen
heeft gewacht
en toen dat hartje
heeft bedacht

straks waait en regent
alles blank
nu, uit de grond
van mijn hart, dank

Meerdere levens…

‘Méér levens leiden dan je zelf leidt’. Coen Verbraak zegt het in een podcast, waarin hij door Eus Akyol wordt geïnterviewd. Coen verklaart daarmee zijn nieuwsgierigheid, die de drijfveer is bij al zijn interviews. Nieuwsgierig zijn naar de levens van anderen. De uitspraak zet me aan het denken. Nieuwsgierig zijn naar mensen en naar hun verhalen. Méér levens willen leiden. Waar komt dat vandaan? Is nieuwsgierigheid bij mij ook de drijfveer om verhalen van mensen op te tekenen? Hun levensverhalen te willen vastleggen? 

In mijn werk als ritueelbegeleider hoor en schrijf ik vaak levensverhalen. Soms hoor ik die van de mensen zelf, in de laatste fase van hun leven. Vaker hoor ik de verhalen van de nabestaanden, in de dagen die aan het afscheid voorafgaan. Ik denk dat nieuwsgierigheid zeker een rol speelt in het ontstaan van dat uiteindelijke levensverhaal. Naast een aantal andere voorwaarden, waaronder medeleven, empathie en vaak ook herkenning. Maar ik vraag me af of ‘méér levens willen leiden dan je eigen leven’ daarin ook een -al dan niet onbewuste- rol speelt. 

Wandelend door de vrieskou op 1e kerstdag denk ik er over na. Méér levens willen leiden dan je eigen leven. Het impliceert dat je aan één leven niet genoeg zou hebben. Wordt dat misschien veroorzaakt door een voortdurend zoeken naar betekenisvolle invulling die je niet altijd in je eigen leven lijkt te kunnen vinden? En dat je je daarom spiegelt aan anderen, in een poging om op die manier je eigen leven meer inhoud te geven?. Of nieuwe inhoud te geven? Nieuws-gierigheid, letterlijk als ‘gierig’ of begerig naar nieuwe ervaringen?

In mijn ‘vorige’ leven was ik logopedist. Daar leerde ik dat nieuwsgierigheid een belangrijke basisvoorwaarde is voor de taalontwikkeling van kinderen. Nieuwsgierigheid in combinatie met contact met de omgeving, met anderen, b.v. de ouders of verzorgers. Vanuit een gevoel van veiligheid samen de wereld steeds meer ontdekken, en daar woorden aan geven. In de ontwikkelingspsychologie had men het over ‘joint action and joint attention’. Ik meen dat het ontwikkelingspsycholoog Jerome Bruner was, die dat daarmee kernachtig samenvatte. Samen dingen doen en daar met elkaar aandacht voor hebben. Zo ontwikkel je je. Zo ontstaat taal. 

Onlangs las ik iets interessants. Er is een onbevangenheid bij hele jonge kinderen die compleet kunnen opgaan in hun spel van ontdekkingen. Die onbevangenheid neemt echter af naarmate ze meer taal tot hun beschikking krijgen. Als een ding een ‘naam’ heeft, verliest het zijn intrinsieke waarde. Onbevangen leven wordt een talig leven. Is het steeds blijven zoeken naar de essentie van je eigen leven, te wijten aan de beperktheid van de taal waarmee je je leven kan beschrijven? En is dáárom één leven niet genoeg?

Ik heb de hele 2e kerstdag en de rest van dit jaar nog, om daarover na te denken… Maar nu heb ik zojuist ook gelezen dat je je eigen gedachten niet in taal uit kunt drukken. En zo kom ik toch weer uit bij de filosoof Ludwig Wittgenstein, die onder andere schreef dat je moet zwijgen waarover je niet kunt spreken. ‘Het leven is een gedoetje’, zei ooit een andere filosoof (René Gude). Laat staan méérdere levens…

Afstand…

Buiten waait het en is het koud. Maar binnen bij Passi, met een verse gemberthee met honing, is het goed vol te houden. Mijn blik valt op het informatiebord voor het gemeentehuis. Ik zie dat er nog steeds met 16 A3-vellen één geheel wordt gesuggereerd. Vier bij vier verdeeld over het grote vlak staat daarop de informatie van de gemeenteraad. In de gemeentelijke huisstijl. Van een afstand lijkt dat één geheel, maar als je dichterbij komt, kun je de 16-deling goed zien. En als je het weet, zie je dat ook van een grotere afstand. Bovendien ben ik een beetje bevooroordeeld…

Het is nu bijna anderhalf jaar geleden dat ik er zelf werkte. Mei 2024 heb ik besloten om wat anders te gaan doen. Op een paar maanden na was ik op dat moment 40 jaar ambtenaar. Zo’n 32 jaar voor de gemeente Horst aan de Maas. Allerlei herinneringen komen boven. Dat gaat heel prima, op een afstandje, lekker warm binnen bij een gemberthee met honing. 

Die 16-deling heb ik zelf ooit bedacht om op een relatief makkelijke manier de agenda van een volgende gemeenteraadsvergadering fysiek aan de buitenwacht te tonen. Door die agenda groot op twee A3 vellen uit te printen, hoefde je buiten maar twee vellen van de 16 te verwisselen om weer actueel te zijn. Met behoud van de huisstijl uitstraling van het grotere geheel. Ik denk dat we dat toen duurzamer vonden bij communicatie. En blijkbaar vindt men dat nu nog steeds.

Ik moet denken aan andere momenten dat ik in het gemeentehuis bezig was. Met zaken waarvan ik meestal vond dat ze zinvol waren. Voor mijn collega’s, voor het college, voor de griffie en daarmee, indirect, dus ook voor de gemeenteraad. Maar bovenal, zinvol voor de inwoners van Horst aan de Maas. En ik denk dat iedereen die er nu werkt, op een soortgelijke manier gemotiveerd is. Werken en het zo goed mogelijk willen doen voor méér dan 44.000 inwoners.

Laten we dat aantal inwoners voor het gemak eens indelen in drie groepen. De groep ‘eens’, de groep ‘oneens’ en de groep ‘ik denk nog even na’. Die drie groepen worden in de gemeenteraad vertegenwoordigd door negen partijen, heb ik net even opgezocht op de gemeentelijke website. Dat waren er in mijn begintijd bij de gemeente een stuk minder, maar het is niet alleen in Horst aan de Maas zo, dat de democratie tegenwoordig wat aan versplintering onderhevig is.

‘De wereld verandert snel en dus moeten we mee veranderen’. Je hoort het vaak binnen organisaties. En dat was binnen de gemeentelijke organisatie ook zo. Met als gevolg dat er regelmatig ‘meeverandert’ moest worden. Veranderingen, waarvan sommigen heel enthousiast werden, anderen -zachtgezegd- wat minder en weer anderen ‘het eerst wel even wilden aanzien’. Ook daar zag je grofweg een driedeling. Maar hoe dan ook, zo groeiden we met z’n allen steeds mee met de veranderende wereld buiten het gemeentehuis. Vaak in tijdsperiodes van vier jaar.

Ook de gemeenteraad veranderde zo mee. Ondertussen dus naar negen partijen. Niet iedereen zal er even geïnteresseerd in zijn, maar voor diegene die zich nu afvraagt welke partijen dat dan zijn, hier komen ze. Vur iederien (6 zetels), Essentie (5 zetels), D66-GroenLinks (4 zetels), PvdA (4 zetels), Perspectief Horst aan de Maas (2 zetels), VVD (2 zetels), BVH (2 zetels), Hart voor Horst aan de Maas (1 zetel), Doen! (1 zetel). In totaal 27 raadsleden. Een mooi aantal, goed deelbaar door negen. Of door drie. Gewoon, voor het gemak even, want daar heb je in de praktijk natuurlijk helemaal niks aan. 

Ik merk dat ik, sinds ik er niet meer werk, de gemeentepolitiek niet meer zo intensief volg. Maar zo nu en dan lees ik uit nieuwsgierigheid nog wat social mediaberichten die deze of gene vanuit zijn of haar partij wereldkundig maakt. Of ik kijk live een keer mee naar een gemeenteraadsvergadering. En ik krijg nog altijd elke donderdag de nieuwsbrief van de gemeente. Jawel. Nog steeds in de vormgeving die ik toen zelf mee heb mogen ontwerpen.

Maar nu, op afstand en met een geurende gemberthee met honing voor mijn neus, kan ik het vanuit de grond van mijn hart zeggen: ik benijd de gemeenteraadsleden niet en tegelijk bewonder ik hun inzet. Omdat ik ervan uitga dat ook zij het voor de inwoners van Horst aan de Maas zo goed mogelijk willen doen. 

Maar ja, met negen partijen… Sommige zetten zich vooral in voor de groep ‘eens’, andere partijen halen hun voordeel vooral bij de groep ‘oneens’. Terwijl ze eigenlijk allemaal veel beter te rade zouden kunnen gaan bij de groep ‘ik denk er nog even over na’. Want die groep wordt steeds kleiner omdat de ‘eens’- en ‘oneens’-groep evenredig hard groeit. Zeker nu de verkiezingen er weer aankomen. Landelijk op 29 oktober aanstaande en volgend jaar, 18  maart in de gemeente. De wereld verandert? Ik denk er nog even over na…

Blaasbloem…

het is niet 
sinds dat ik opa ben
dat ik een paardebloem 
niet meer herken

maar blaasbloem
geeft toch keer op keer
verschil praktijk en theorie
nog net ‘n beetje beter weer

zeker wanneer
het moeilijk wordt
schiet menig weten
vaak tekort

dan is er
tegenstrijdigheid
niemand tot 
compromis bereid

ik denk dat ik 
een paardebloem
voortaan gewoon een 
blaasbloem noem

Zondagochtend

Eigen weg…

ik ga vandaag mijn eigen weg
maak foto’s van de bloemen
maar wat het is dat mij hier brengt
dat kan ik niet benoemen 

ik had het straks al bij de eik
gestopt en even stilgestaan
ik voelde rust en onrust tegelijk
en koos er voor om door te gaan

wat bleef was tegenstrijdigheid
van wit en zwart, geluk en pech
waarschijnlijk raak ik dat nooit kwijt
en zoekt mijn hart z’n eigen weg

Toon en Truus…

Tijdens een bezoek aan Toon en Truus geraakt door hun verhalen. Mooi om te zien hoe zij dat samen bewaren en koesteren in zelfgeschreven boeken. Indrukwekkend.

Een gedicht als dank voor het goede gevoel dat zij me gaven. Voor Toon en Truus. En voor iedereen die het herkent..

naast vreugde
jarenlang de pijn
van steeds 
een beetje minder

toch, als ze er
dan niet meer zijn
blijft liefde 
de verbinder

hun veel te korte levens
met honderdduizend woorden
zo liefdelang beschreven 
dat engelen het hoorden…

elk woord
uit liefde opgediept
houdt vast 
wat er ooit was

letter voor letter 
uitgetypt

ik voelde 
dat ik liefde las…

Gevallen bloem…

zo nu en dan
loop ik erheen
in stilte
en alleen

dan sta ik daar
en kijk er even
naar de jaartallen
in steen

grensgetallen
van het leven
hoe lang of kort
hen is gegeven

ik zie het mos
verweerde steen
met heideplantjes
er omheen

toen ik er ging
toen zag ik dat
er een losse bloem
lag op het pad

flarden van
herinneringen
aan hen die zó lang
voor mij gingen…