Gevallen bloem…

zo nu en dan
loop ik erheen
in stilte
en alleen

dan sta ik daar
en kijk er even
naar de jaartallen
in steen

grensgetallen
van het leven
hoe lang of kort
hen is gegeven

ik zie het mos
verweerde steen
met heideplantjes
er omheen

toen ik er ging
toen zag ik dat
er een losse bloem
lag op het pad

flarden van
herinneringen
aan hen die zó lang
voor mij gingen…

Licht..

op de valreep een gedichtje

vóórdat 2025 gaat beginnen

als een heel klein letter-lichtje

brandend tussen deze zinnen

geeft vóór het nieuwe jaar begint 

het onbekende al wat licht

en wie dat nog heel donker vindt

voor die is juist dit lichtgedicht..

Lichtjesavond…

Toen ik 1 november om ongeveer 18.30 uur thuis vertrok om naar Landgoed de Gortmeule te fietsen, hoorde ik de klokken van de Lambertuskerk luiden. De mis voor Allerheiligen begon. Toevallig had ik de aankondiging daarvoor gelezen in een facebookpost van deken Wilson Varela. Hij schreef daarin een mooie inleiding, waarin hij het onder andere had over de ‘eenvoudige houdingen van het hart: nederigheid, medeleven, zachtmoedigheid en zuiverheid.’ 

Bij het klokgelui in de donkere avond, op weg naar de Gortmeule, schoot me nog een gedeelte van zijn inleiding te binnen. Er stond nog iets van ‘We eren hen die ons zijn voorgegaan..’. Ik moest daaraan denken, op weg naar de Lichtjesavond. De avond was georganiseerd door Lotgenotenhorst.nl en Synthese en was bedoeld om nabestaanden samen hun geliefden te laten herdenken.  Boven verwachting hadden zich meer dan twintig personen aangemeld. 

Marius Janssen had me gevraagd om een bijdrage aan de avond te leveren. Hij en Toon Emonts zijn de dragende krachten van Lotgenotenhorst.nl. Wat zij doen, beschrijven ze prachtig op de homepage van hun site: ‘Fijn om er voor elkaar te zijn. Als vóór je kijken je bang maakt en als achter je kijken je triest maakt, kijk dan naast je, daar staan wij’. Die mooie volzin vertalen zij in het organiseren van wandelingen, groepsgesprekken en andere activiteiten, waarin het woord ‘samen’ steeds de rode draad vormt.

Zo ook de Lichtjesavond. Deze keer dus samen met Synthese, in de persoon van Anja Damhuis. Wat me deed besluiten om meteen ‘ja’ te zeggen, toen Marius me vroeg, was een onderdeel van hun programma, waarbij men naar de eeuwenoude eik zou wandelen. Of ik daar dan, als ik dat wilde, een korte tekst of een gedicht wilde voordragen. De eik. Geen onbekende plek voor mij. Bij daglicht, realiseerde ik me. Maar nu dus in de avond, met lichtjes. Ja, daar wilde ik graag mijn bijdrage aan leveren. 

En dus fietste ik gisteravond in de wat waterkoude donkere avondlucht naar de Gortmeule. Benieuwd naar hoe de avond zou gaan verlopen. Ter plekke trof ik Toon en Anja, en Pascal, de uitbater van de Gortmeule, buiten bij een knapperend houtvuurtje. Binnen zaten de eerste gasten al bij het warme haardvuur. Toen iedereen er was, gaf Anja uitleg over het programma van de avond.

Bij het vuurtje buiten kon iedereen een kaars aanmaken en de naam noemen van degene voor wie het lichtje bedoeld was. Daarna trok de stoet langzaam, met de kaarsen, in stilte naar de eik. Langs het pad had Pascal sfeervol lichtpotten neergezet ter markering. Onderweg bleven niet alle persoonlijke kaarsjes branden. Voor sommigen leek dat een kleine tegenvaller, maar ik dacht aan het gedicht dat ik voor de gelegenheid gemaakt had en vond het eigenlijk wel toepasselijk dat er wat kaarsen uitwaaiden…

Lichtjesavond…

wat nooit echt went
wordt samen waar
die eerste pas, het samen doen

het wordt herkend 
je ziet elkaar
hoe dat het was, ‘t gevoel van toen

het pad gelopen, 
naar de eik 
die boven kruis en bankje waakt

je mag weer hopen 
als je kijkt
naar alle stappen die je maakt

voor al wat jou
ooit overkwam
en misschien nooit zal overgaan

onthoud dan nou:
die éne vlam 
gaat altijd ook opnieuw weer aan…

Dit gedicht heb ik bij de eik voorgedragen. Voor een groep mensen met brandende en niet brandende kaarsen. En juist daardoor kreeg het gedicht nog meer de betekenis die ik er een paar dagen eerder in had gevoeld. In alle nederigheid accepteerde ik dat toeval. Ik hoopte dat het medeleven bij de aanwezigen over was gekomen. Daarna heb ik binnen bij de warme kachel nog met verschillende mensen gesproken. Voor zover ik zuiverheid en zachtmoedigheid kan definiëren, meende ik in die gesprekken daar wel aspecten van te herkennen.

Er zullen in de Lambertuskerk zeker ook kaarsen hebben gebrand. En wellicht zijn daar de begrippen ‘nederigheid’, ‘medeleven’, ‘zachtmoedigheid’ en ‘zuiverheid’ opnieuw aan de orde geweest, als ‘eenvoudige houdingen van het hart’. Bij de Gortmeule heb ik gisteravond die houdingen op mijn manier mogen ervaren, dankzij de aanwezigheid van de anderen. In alle eenvoud met elkaar.  Met kaarsen die uitgingen en weer werden aangemaakt. 

En… met zelfgebakken vlaai van Fien plus op het eind een oprecht pleidooi voor de zuiverheid van de natuur door Ton. Dus dank daarvoor, en dank aan Marius, Toon, Anja en Pascal en alle anderen die in het avonddonker op die mooie plek bij de Gortmeule hun licht hebben laten schijnen. 

Zo’n dag…

Soms heb je van die dagen.. De wereld in het klein komt op je af. Dat leidt soms tot een gedachte die het papier haalt. In alle rust vervolgens een dag laten liggen, om er daarna met AI een afbeelding bij te genereren. Net echt, maar niet echt… of toch?

geroezemoes bij Passi
voor mij een kopje thee

van wat er wordt besproken
krijg ik slechts flarden mee

vakantie, Poetin, thuis
effect, gordijn, het kraakt

o ja?, de krant, en Windows
ontdooien, schoongemaakt

dat opgeteld geroezemoes 
dat stemt me wat verdrietig

allemaal van groot belang
en tegelijk zo nietig

de thee drink ik wat sneller op
sta op, betaal en ga

de wereld in een notendop
slechts ijs en chocola…

Lies…

‘Lies nam zelfs afscheid met een glimlach’. Uit de verhalen van haar vier kinderen begreep ik dat die glimlach eigenlijk haar hele leven wel gekenmerkt had. Zaterdag 14 september was haar afscheidsdienst in het Peelmuseum in America. Ik mocht die dienst begeleiden en was bij de voorbereiding ervan betrokken. 

Die voorbereiding begon vier dagen daarvoor. Aan tafel in het huis waar Lies tot en met haar 92e jaar zelfstandig had gewoond. De laatste jaren weliswaar met hulp van haar kinderen, van haar buren en verschillende thuiszorginstanties, maar toch. Het was het huis dat haar man Noud destijds steen voor steen voor haar en hun gezin had gebouwd. Het huis waar ze vervolgens lang lief en leed hadden gedeeld. Het huis waar Lies, als een vanzelfsprekendheid, in haar eigen bed lag opgebaard.

Noud was dertien jaar eerder overleden. Een slag voor het gezin, maar Lies had met een bewonderenswaardige kracht haar leven weer opgepakt. En al snel was ook haar glimlach terug. Een lach die haar vier kinderen vanaf nu moesten gaan missen. Maar tegelijk een lach die na haar overlijden duidelijk een steun voor hen was. 

Het was mooi hoe aan die tafel de kinderen hun verhaal over hun moeder vertelden. Er klonk liefde doorheen. Liefde waarvan de diepte soms ook zichtbaar werd wanneer een herinnering hen tot tranen toe roerde. Ze vertelden over hoe Lies tot het laatst nog zelf blaadjes en afgewaaide takjes van het gazon plukte en naar de tuinkorf bracht. Over de toerritjes die ze met Lies maakten omdat ze daar zo van genoot, telkens weer. Vertrekkend vanaf de oprit liet ze al overduidelijk blijken hoe fijn ze het vond. ‘Ik geniet nou al’, zei ze dan.

Met de pakweg 100 foto’s die ik van haar kreeg, heb ik voor de afscheidsdienst vijf fotopresentaties gemaakt op muziek die Lies mooi vond. Foto’s van haar jongste jeugd tot aan foto’s die nog maar pas geleden waren gemaakt. Ik heb niet al die foto’s nog op het netvlies, maar op bijna alle foto’s was de glimlach van Lies te zien. 

Allevier haar kinderen deelden tijdens de dienst op een eigen manier hun herinneringen. Ook haar kleinzoon liet op een indrukwekkende manier horen wat Lies voor hem betekend had. Hij kreeg een spontaan applaus van het grote aantal aanwezigen. Men leefde mee met het verdriet en herkende de liefde. De broer van Lies had zijn bijdrage een titel meegegeven: Een goed mens is van ons heengegaan.

Het was een indrukwekkend afscheid. Losse, onverpakte bloemen sierden de kist van Lies. Het leek alsof ze in een tuin lag. Vóór en na de dienst zorgden de vrijwilligers van het Peelmuseum met veel inzet voor al het randgebeuren. Alles viel op z’n plek. Het was goed zoals het was. 


Een dag na de dienst fietste ik een grote ronde door de  regio. Ter hoogte van America fietste mij verrassend, maar alsof het zo moest zijn, de oudste zoon van Lies tegemoet. Hij vertelde dat hij een geïmproviseerd kruis had gemaakt dat hij zojuist geplaatst had bij het graf van Noud, waar Lies sinds gisteren ook bij lag. Opnieuw voelde ik de liefde van die actie. Hij had er zelfs twee ringen voor aan elkaar verbonden, vertelde hij trots. 

Ik besloot om ter plekke te gaan kijken. Duizend bloemen dekten het duograf toe. Ik zag het houten kruis en de verbonden ringen. Straks zou de grafsteen, waar al dertien jaar lang ook Lies haar naam in gegraveerd stond, het houten kruis gaan vervangen. Tot die tijd zou dit houten kruis ervoor zorgen dat iedereen kon zien dat Noud en Lies weer samen waren. Terwijl ik terugdacht aan een dag eerder, verscheen er een glimlach om mijn mond…

Lies,

oog voor al het mooie om je heen
gezien, gezin, gezongen en gezaaid
zijn wij nu zonder jou alleen
jouw blad is van de boom gewaaid

al dertien jaar je man gemist
toch plukte jij nog steeds je dag
en ook toen je wat minder wist
was er nog altijd steeds je lach

je hebt je leven vol geleefd
liefde gedeeld met al je kinderen
en hoeveel tranen het nu ook geeft
die liefde zal dus nooit verminderen

heb jij jouw Noud weer terug gezien?
toen jouw gezin dicht bij je stond?
met hem de hemel ingedanst misschien?
vandaar die glimlach om je mond?

elk blad dat van de bomen valt
elk takje op het gras
is vanaf nu herinnering
aan wie jij voor ons was