Buiten een dichtgeklapte parasol. Troosteloze aanblik. Alsof de moed is opgegeven. De chinees bereidt zich al voor op wat opnieuw een drukke dag zal worden. Boven de ingang zie ik de historie: post- en telegraafkantoor. Toen pakjes, nu zakjes. Van stempels naar tempels. Ach..
Weinig volk op straat. Binnen wordt het drukker. Achter me ingetogen gepraat over alles wat zich voordoet en waar niks aan te doen is. De stem van vader met de harde g gaat meer en meer op in het toenemende zondagochtendgeroezemoes..
Op de achtergrond zingt U2 ‘In the name of love’. Een moeder loopt buiten met een overdekte kinderwagen. Iemand uit het gezelschap achter me, ziet buiten een bekende op de fiets voorbijkomen. Met handschoenen aan. Hij zwaait. Zonder te zien naar wie. Ik groet hem terug met een knikje. Ook dat ziet hij niet.
Of alles gesmaakt heeft, wordt het gezin gevraagd. Drie keer ja van pa en de opmerking dat een van hen thuis altijd drie broodjes eet. Nu blijkbaar niet. Voor hetzelfde bedrag. Vriendelijk wordt geluisterd, geglimlacht en tegelijk afgeruimd. Alles moet gewoon doorgaan. Of ze nog wat willen drinken? Dat willen ze.
Het gezelschap achter me is aan het weer toegekomen. Het vriest niet. Nee, maar het motregent nog wel, zie ik. Mensen lopen nog steeds onder een paraplu. Ik hoor dat er kleingeld over de tafel geschoven wordt. Mijn tweede thee is op. Ik ga ook afrekenen. Herfst op een zondagochtend. Ach…
Vorig jaar was ik er voor het eerst. Misschien ben ik toen gevraagd omdat ik er vaker heb gezeten. Bij de oude eik, vlakbij Landgoed de Gortmeule. De plek waar ik vaker gedachten beschrijf die ik daarna op verschillende manieren deel. Nu ben ik er weer, vroeg op een heldere novemberavond.
Het is zaterdagavond, 1 november. Ik wandel in een groep vanuit de Gortmeule naar de oude eik. Even daarvoor heeft eenieder rondom een knapperend `houtvuurtje een kaars ontstoken om een dierbare te herdenken. Zo lopen we over het pad naar de eik. Pascal van Landgoed de Gortmeule heeft het pad om de zoveel meter van sfeervol kaarslicht voorzien.
We staan onder de brede takken van de oude eik. Al tweehonderd jaar biedt deze boom beschutting en rust. Een plek om even stil bij te staan. Of te gaan zitten. Het kruisbeeld en het bankje bij de eik vertellen ieder hun eigen verhaal. Een verhaal van geloof, van stilte en van herinnering. Maar net als de eik zelf, bieden ze ook een gevoel van aanwezigheid, van iets dat blijft, zelfs als zoveel andere dingen voorbijgaan.
Iedereen in de groep draagt zijn eigen verhaal mee, zijn eigen herinneringen, dierbare momenten met iemand die er niet meer is. En toch, hier onder deze boom, zijn we samen. Misschien is dat het troostende: weten dat je niet de enige bent. Er is ruimte om te delen, en er is ruimte om gewoon te zijn, zonder woorden als dat nodig is. Dit is een plek waar verleden en heden elkaar ontmoeten, waar steun gevonden kan worden in wat blijft, in elkaar, en in de kleine dingen die ons raken.
Bij deze eik mag ik mijn gedicht delen, dat past bij de wandeling die we samen lopen. Een wandeling waarbij je in gedachten ook samenloopt met degene die je moet missen. Die met jou samen liep toen hij of zij er nog was. Het gedicht is in zijn of haar naam geschreven, passend bij gelegenheden waar, door een samenloop van omstandigheden, samen herdenken aan de orde is en steun geeft.
Samenloop
de diagnose wordt gesteld en dan ineens is het een feit een donderslag die met geweld een einde maakt aan zekerheid
je lichaam laat je in de steek al wat er is dat raak je kwijt is het een jaar of maar een week je leven lijkt beperkt in tijd
de dag verandert in een nacht in elke traan proef je het zout maar ondanks alles put je kracht uit iedereen die van je houdt
jouw weg die loop je niet alleen hoe moeilijk elke stap ook is je komt er samen wel doorheen omdat elke stap er eentje is
het vuur wordt met elkaar beleefd in elke vlam brandt iets van hoop dat is wat je de ander geeft dat is de kracht van samenloop
PS Pascal en Sandra, dankjewel voor de gastvrijheid! En Marion Vervoort, voor het spontane optreden.
Het is nu bijna anderhalf jaar geleden dat ik er zelf werkte. Mei 2024 heb ik besloten om wat anders te gaan doen. Op een paar maanden na was ik op dat moment 40 jaar ambtenaar. Zo’n 32 jaar voor de gemeente Horst aan de Maas. Allerlei herinneringen komen boven. Dat gaat heel prima, op een afstandje, lekker warm binnen bij een gemberthee met honing.
Die 16-deling heb ik zelf ooit bedacht om op een relatief makkelijke manier de agenda van een volgende gemeenteraadsvergadering fysiek aan de buitenwacht te tonen. Door die agenda groot op twee A3 vellen uit te printen, hoefde je buiten maar twee vellen van de 16 te verwisselen om weer actueel te zijn. Met behoud van de huisstijl uitstraling van het grotere geheel. Ik denk dat we dat toen duurzamer vonden bij communicatie. En blijkbaar vindt men dat nu nog steeds.
Laten we dat aantal inwoners voor het gemak eens indelen in drie groepen. De groep ‘eens’, de groep ‘oneens’ en de groep ‘ik denk nog even na’. Die drie groepen worden in de gemeenteraad vertegenwoordigd door negen partijen, heb ik net even opgezocht op de gemeentelijke website. Dat waren er in mijn begintijd bij de gemeente een stuk minder, maar het is niet alleen in Horst aan de Maas zo, dat de democratie tegenwoordig wat aan versplintering onderhevig is.
‘De wereld verandert snel en dus moeten we mee veranderen’. Je hoort het vaak binnen organisaties. En dat was binnen de gemeentelijke organisatie ook zo. Met als gevolg dat er regelmatig ‘meeverandert’ moest worden. Veranderingen, waarvan sommigen heel enthousiast werden, anderen -zachtgezegd- wat minder en weer anderen ‘het eerst wel even wilden aanzien’. Ook daar zag je grofweg een driedeling. Maar hoe dan ook, zo groeiden we met z’n allen steeds mee met de veranderende wereld buiten het gemeentehuis. Vaak in tijdsperiodes van vier jaar.
Ook de gemeenteraad veranderde zo mee. Ondertussen dus naar negen partijen. Niet iedereen zal er even geïnteresseerd in zijn, maar voor diegene die zich nu afvraagt welke partijen dat dan zijn, hier komen ze. Vur iederien (6 zetels), Essentie (5 zetels), D66-GroenLinks (4 zetels), PvdA (4 zetels), Perspectief Horst aan de Maas (2 zetels), VVD (2 zetels), BVH (2 zetels), Hart voor Horst aan de Maas (1 zetel), Doen! (1 zetel). In totaal 27 raadsleden. Een mooi aantal, goed deelbaar door negen. Of door drie. Gewoon, voor het gemak even, want daar heb je in de praktijk natuurlijk helemaal niks aan.
Ik merk dat ik, sinds ik er niet meer werk, de gemeentepolitiek niet meer zo intensief volg. Maar zo nu en dan lees ik uit nieuwsgierigheid nog wat social mediaberichten die deze of gene vanuit zijn of haar partij wereldkundig maakt. Of ik kijk live een keer mee naar een gemeenteraadsvergadering. En ik krijg nog altijd elke donderdag de nieuwsbrief van de gemeente. Jawel. Nog steeds in de vormgeving die ik toen zelf mee heb mogen ontwerpen.
Maar nu, op afstand en met een geurende gemberthee met honing voor mijn neus, kan ik het vanuit de grond van mijn hart zeggen: ik benijd de gemeenteraadsleden niet en tegelijk bewonder ik hun inzet. Omdat ik ervan uitga dat ook zij het voor de inwoners van Horst aan de Maas zo goed mogelijk willen doen.
Maar ja, met negen partijen… Sommige zetten zich vooral in voor de groep ‘eens’, andere partijen halen hun voordeel vooral bij de groep ‘oneens’. Terwijl ze eigenlijk allemaal veel beter te rade zouden kunnen gaan bij de groep ‘ik denk er nog even over na’. Want die groep wordt steeds kleiner omdat de ‘eens’- en ‘oneens’-groep evenredig hard groeit. Zeker nu de verkiezingen er weer aankomen. Landelijk op 29 oktober aanstaande en volgend jaar, 18 maart in de gemeente. De wereld verandert? Ik denk er nog even over na…
‘Gelukkig heeft ze geen pijn’… ‘Maar geen adem krijgen is nog erger’… Die eerste constatering was afkomstig van Jac. De reactie daarop was van de huisarts. In een keer besefte Jac de volle ernst van de ziekte van zijn vrouw Diny. En kon hij zich, hoe moeilijk hij het ook vond, neerleggen bij haar besluit dat ze het moment van definitief afscheid zelf wilde bepalen.
Jac belde me of ik iets kon betekenen bij dat op handen zijnde afscheid. Dat stond een week later gepland, in overleg met de huisarts. Diny wilde dat afscheid graag zelf nog wel mee vormgeven, vertelde Jac. Dus maakten we voor de volgende dag een afspraak. Hun twee dochters Petra en Mieke zouden er dan ook bij zijn.
Diny zat rustig op de bank. Dat verraste me. Ik had een doodzieke vrouw verwacht in haar laatste dagen. Maar ze zat rechtop, volgens mij gewoon aan de koffie. Ze kreeg wel extra zuurstof via een doorzichtig slangetje bij haar neus. Dat was vijf jaar geleden noodzakelijk geworden vanwege steeds erger wordende COPD. Wat me opviel was de rust waarmee ze sprak. Maar het was vooral Jac die vertelde hoe een en ander in de tijd was gelopen. Zo nu en en dan vulden Diny of de dochters zijn verhaal aan of gaven een extra toelichting.
Opvallend en hartverwarmend vond ik de genegenheid en de liefde die tussen hen zichtbaar en voelbaar was. Regelmatig werd er een hand op de knie van de ander gelegd of een arm om de schouder geslagen. Ook de blikken naar elkaar spraken boekdelen.
Ik trof Diny op een goed moment, werd me verteld. Net na een middagdut had ze voldoende energie om zich te mengen in het gesprek. Maar ik hoorde dat de nachten heel anders verliepen. Een van de dochters vertelde dat wanneer Diny ‘s nachts in een hoestbui terechtkwam, Jac elke keer probeerde om haar zoveel mogelijk te ondersteunen. En dat gebeurde elke nacht meerdere malen.
Jac reageerde er ietwat ontwijkend op, maar het was duidelijk hoeveel hij met zijn vrouw begaan was. En nu zat hij naast Diny op de bank om haar afscheid door te spreken. Met de dochters. Met mij. En af en toe kwam kleindochter Tess opa of oma ook nog even knuffelen. De afscheidsdatum kwam elke dag wat dichterbij. We maakten de afspraak dat ik snel weer langs zou komen om hun verhaal te vertalen in een levensloop.
Dat tweede gesprek verliep eveneens in een ontspannen en liefdevolle sfeer. Opnieuw de kalmte die er van Diny uitging, maar ook de emotie die er zo nu en dan was, als de herinneringen wat tranen opriepen. Deze keer maakte ik aantekeningen en heb ik daarna thuis haar levensverhaal kunnen schrijven.
Dat, maar ook het aanwezig mogen zijn en getuige te zijn van wat er echt toe doet op zulke momenten, dat ervaar ik steeds als heel speciaal. Ik had in het eerste gesprek aangegeven dat ik een afscheidsbijeenkomst altijd probeerde af te sluiten met een zelfgemaakt gedicht, waarin ik het gevoel en de emoties van de ontmoetingen wilde vangen. Onder de indruk van de eerste kennismaking had ik thuis dat gedicht geschreven. Ik had Diny beloofd dat ik het nog aan haar zou laten horen. Bij de tweede ontmoeting heb ik het de familie voorgelezen. En juist bij die woorden brak Diny. Net als ik..
En toch, op een manier die ik moeilijk kan verklaren, voelde het allemaal op z’n plaats. Omdat het niet anders leek te kunnen en het zo moest zijn. We spraken nog over van alles en over niets. Na afloop heb ik Diny een hand gegeven, ter afscheid. Haar glimlach zie ik nog voor me.
Jac uitte zijn dankbaarheid door aan zijn dochter te vragen om iets voor me te pakken. Maar toen die zei, dat hij dat gewoon zelf moest doen, legde Jac uit dat hij voor Diny altijd koude schotel maakte. Dat vond ze het lekkerst. En daar maakte hij dan altijd veel te veel van, vertelde hij, dus ik moest maar een bakje meenemen. Zijn dochter kwam al aanlopen met een bakje. Ik heb er thuis heerlijk van genoten.
In de dagen die volgden zocht Diny, samen met Jac en de dochters de foto’s uit die bij haar afscheidsdienst getoond moesten worden. Ik heb daar toen de door haar gewenste muziek onder gezet. Langzaamaan waren alle voorbereidingen getroffen…
De dag dat Diny definitief afscheid nam, heb ik een aantal keren aan hen moeten denken. Hoe zou het met hen gaan? Überhaupt, hoe verloopt zo’n dag wanneer het zover is. Ik schreef die middag nog een kort gedicht dat ik hen stuurde als troost.
als de keuze is gemaakt om niet meer door te gaan met leven als alle snaren zijn geraakt de laatste kussen zijn gegeven
van zo dichtbij naar heel ver weg en ook al lijkt het dan voorbij toch ben je voortaan dicht bij mij
Een dag later sprak ik Jac, Petra en Mieke weer. Het afscheid, vertelden ze, was mooi, emotioneel en vooral heel indrukwekkend geweest. Ze hadden een zonnige ochtend samen gehad, met een drankje en sinds heel lang toch een sigaretje voor Diny. Die middag gaf Diny zelf aan dat het haar tijd was. Samen met Tess en Diny’s schoonzonen Sander en Joost omarmden ze Diny op het moment van het definitieve afscheid. En tegelijk met het moment dat in alle rust het leven uit haar week, voelden ze allemaal een lichtheid over zich heen komen. Een lichtheid, die de rest van de dag bij hen was gebleven, en waarvan ze hoopten dat ze die zouden blijven voelen. Maar een dag later was er toch ook de emotie van het verlies. We bespraken samen de verdere details van de afscheidsbijeenkomst.
Het was dan ook de wens van Diny dat Sven en Wouter zouden helpen om haar in haar kist van het bospad naar het terras te dragen. Die kist had Jac, ook op verzoek van Diny, eigenhandig gemaakt. De kleinkinderen hadden er daarna mooie tekeningen op gemaakt. Hier en daar waren er dankbare woorden van afscheid op te lezen.
Het regende en het waaide die ochtend. De laatste dagen van Diny, samen met haar familie, was het schitterend weer geweest. Maar de ochtend van haar afscheidsdienst waren er buien en stond er een harde wind. Net voordat de dienst zou beginnen, bijna klokslag half elf, sloeg het weer om. De zon begon zelfs te schijnen.
Het werd een afscheidsdienst waar opnieuw de liefde duidelijk te voelen was. Het grote aantal gasten, waaronder zelfs vrienden uit Spanje en Kroatië, waren onder de indruk. Alles klopte, alsof Diny ook dit moment nog zelf geregisseerd had. Alle kleinkinderen ondersteunden kleinzoon Marijn, die het gedicht voorlas dat ik als troost op die bewuste vrijdag naar Petra geappt had.
Ik heb getwijfeld of ik er opnieuw woorden aan vuil moest maken. Aan de oranje klapstoelen die een tijd terug de openbare ruimte ontsierden. Want ik had er al een keer eerder een korte reactie aan gewijd. Dat ik hoopte dat de opgeklopte berichtgeving over de ‘geheimzinnigheid’ omtrent de stoelen een goed doel zou dienen. Helaas..
Afgelopen dinsdag werd het ‘geheim’ onthuld. Imke Emons van BVNL Horst aan de Maas verklapte met een zelfvoldane glimlach dat haar partij de stoelen had laten vastketenen in de zestien dorpskernen van Horst aan de Maas. Ongevraagd legde ze uit waarom: ‘Omdat die symbool staan voor luisteren’. De orerende toon van de fractievoorzitter leek geen ruimte te bieden voor twijfel.
De ‘luisterstoelen’(?) waren vooral geplaatst omdat haar partij van naam verandert. BVNL wordt BVH. Wybren van Haga had het een jaar geleden al goed gevonden, vertelde Imke. BVH ging wel trouw blijven aan de landelijke BVNL maar wilde daar een lokaal tintje (oranje?) aan gaan geven. En ze vervolgde haar verklaring met een groot aantal algemeenheden die ze kenmerkend vond voor de nieuwbakken BVH. Dat liet ze opnieuw klinken alsof alleen BVH die geformuleerde doelen kon gaan waarmaken. Maar ze waren zo algemeen gesteld dat elke andere partij gedacht moet hebben: hè, maar dat doen wij toch ook?
Zou Imke wat dat betreft in het verleden misschien te weinig naar die andere partijen geluisterd hebben? Enfin… Apropos ‘luisteren’. Met oranje klapstoelen? Ach, het zal er wel allemaal bijhoren. Maar een anti-climax vond ik het wel. Dan heb je in alle zestien kernen van Horst aan de Maas een klapstoel vastgeketend en dan leg je uit dat dat symbolisch is omdat je het belang van elke kern wilt vertegenwoordigen. En dan geef je vervolgens met veel bombarie je partij de nieuwe naam: ‘Belang van Horst aan de Maas’, maar dan afgekort als BVH. Met alleen de H van Horst. Of Hegelsom? Mhm… hoe ‘zit’ het dan ineens met het belang van die andere 14 kernen? Er zijn kerkdorpen in Horst aan de Maas die voor minder hun ongenoegen hebben geuit, over de in hun ogen onterechte bevoordeling van de grootste kern. Of van Hegelsom. Ik weet het niet…
Maar om de actie niet helemaal in het water te laten vallen, stel ik voor dat BVH -als ze de komende raadsperiode zetels halen- vier jaar lang afwisselend plaats neemt op ál hun eigen oranje klapstoelen. Dan zijn ze in ieder geval nog ergens goed voor en hebben ze niet voor niets wekenlang de openbare ruimte van onze mooie gemeente ontsierd.
in de schaduw van mijn ronde krijgt hier elk geluid een zin klinkt het hinniken van paarden zingt het waaien van de wind weinig woorden voor te vinden want ik zit er middenin voel verbinding met de aarde en het speelse van een kind