Moer en bout…

‘Maar ik heb niks om aan je te geven’, constateerde Jo, nadat hij en Kit elkaar na een emotioneel gesprek, ergens in het jaar 1978, plechtig hadden beloofd voor elkáár te kiezen. Voor elkaar én voor hun toen nog ongeboren kind. Ze waren allebei nog jong. Samen nog onzeker over wat er allemaal komen ging, maar zeker van elkaar. Jo voelde in de zak van zijn werkoverall en haalde er een bout uit, waarop een moer gedraaid zat. Hij gaf die aan Kit, die het kleinood in dank en liefde aanvaarde. 

Jo overleed op 6 april 2026. Één dag na zijn overlijden vertelde Kit voor het eerst over de moer en bout aan hun kinderen Luc, Rien en Jeanne. En ze liet hen de bout en moer zien. Het was een onverwoestbaar teken van verbondenheid. Toen een heel mooi en ook praktisch gebaar van liefde. En nu, nog altijd makkelijk bewegend en dus totaal niet vastgeroest in die 48 jaar dat Kit het al bewaarde. Integendeel, nog precies als op die ene dag, 48 jaar geleden, toen Jo die haar gaf.

Vrijdag 3 april sprak ik Jo nog. Kit en hun dochter Jeanne waren erbij. Later sloot ook Daan aan, de man van Jeanne. We hadden deze afspraak gemaakt, omdat Jo het prettig vond om van te voren kennis te maken met degene die zijn afscheid zou gaan begeleiden. Met Ron Bosmans van uitvaartverzorging Yvonne Vos had hij al gesproken. En die vrijdagmiddag spraken wij elkaar. Jo vertelde over zijn leven. Het kostte hem zichtbaar energie. Af en toe nam hij noodgedwongen een hele korte pauze, waarin Kit liefdevol aan hem vroeg of zij het dan maar even zou vertellen. Na zo’n kort moment van rust nam hij dan zelf weer het woord.

Bijna terloops vertelde Jo dat hij 7 april zijn zelfgekozen afscheid gepland had. Maar daarna ging zijn verhaal weer snel over de dingen die zijn leven aangenaam hadden gemaakt. Hij vertelde met trots over zijn gezin, over zijn werk als monteur en over zijn hobby’s. Toerritjes met de brommer. En die brommer ervoor en erna weer tiptop in orde maken als er iets aan mankeerde. Of andere brommers repareren van zijn brommervrienden. Hij vertelde over zijn allereerste brommer, die hij op 18 jarige leeftijd tot op de laatste schroef uit elkaar had gedraaid en in kratten had bewaard om ‘ooit’ weer in elkaar te zetten.

Zijn lichamelijke vermoeidheid stond in schril contrast met de geestelijke rust die er van Jo uitging. Ik was er van onder de indruk. Toen twee jaar geleden de diagnose uitgezaaide slokdarmkanker werd gesteld en de arts hem en Kit ‘maanden in plaats van jaren’ had voorspeld, besloten ze die dag op het verjaardagsfeest van hun kleindochter nog niets te vertellen. Een dag later riep hij zijn dochter en twee zoons bij elkaar en vertelde hen het verdrietige nieuws. Natuurlijk was dat enorm schrikken, maar vanaf het begin leek Jo vastbesloten om in die ‘beloofde’ maanden nog mooie herinneringen te maken met zijn gezin.

En dat hebben ze gedaan. Maandag 13 april was zijn afscheid. Foto’s, die in de Wingerd werden vertoond, lieten zien dat er heel veel mooie herinneringen waren. Door zijn realiteitszin, positiviteit en zijn humor, maakte Jo het voor anderen gemakkelijker om te dealen met wat onvermijdelijk was. Gelukkig had Jo, tot drie weken  geleden, ook niet écht last gehad van wat er in zijn lijf allemaal mis was. Dus bleef hij zo lang het ging, de dingen doen die hij al deed. Nu misschien wat bewuster, maar evengoed met net zoveel plezier en inzet. De ‘maanden’ werden uiteindelijk bijna twee jaar.

Zijn laatste weekend was het afgelopen Paasweekend. In de weken daarvoor had Jo al van veel mensen afscheid genomen. Hij nodigde die dan heel bewust uit en er ontstonden steeds mooie gesprekken. In het Paasweekend wilde hij nog een paar mensen spreken. Peter-Paul bijvoorbeeld, met wie vanuit een werkrelatie ook een hechte vriendschap relatie was ontstaan. 

Op de afscheidsbijeenkomst van Jo liet Kit die bout en moer zien aan de meer dan 300 aanwezigen in de Wingerd in Sevenum en ze vertelde het verhaal erachter. Het samengaan, het bij elkaar passende van de moer en de bout, de verbondenheid die er in lag besloten, dat wenste ze alle aanwezigen toe. Om die reden, vertelde Kit, zou iedereen na afloop precies zo’n moer en bout krijgen.

Peter Paul had desgevraagd zo’n 350 exemplaren geregeld, identiek aan die allereerste moer en bout van Jo en  Kit. Jo had Peter Paul nog gevraagd of hij niet in diens oude Chevrolet naar het crematorium mocht worden gereden. En hij had zijn brommervrienden gevraagd of die dan voorop zouden willen rijden, op weg naar de Wingerd en daarna naar het crematorium. En bijna vanzelfsprekend had iedereen ja gezegd. 

In de Wingerd stonden op het podium, rechts en links van Jo, twee brommers. Rechts stond zijn allereerste brommer, die Jo, zoals hij zich al heel jong had voorgenomen, na de fatale diagnose weer in elkaar had gezet en uiteraard werkend had gekregen. In 2025 reed hij er nog de Hemelrit in Kronenberg mee. Jo kon alles repareren, vertelden verschillende sprekers tijdens zijn afscheidsdienst. Op zijn kist lag een prachtig bloemstuk, dat volledig in de kleur was samengesteld van zijn Kreidler, die links op het podium stond.

Jo had het allemaal al voor zich gezien. En zoals hij het zag, is het ook gebeurd. Omdat iedereen een steentje wilde bijdragen. Soms op zijn eigen verzoek, maar vooral ook omdat Jo altijd zijn steentje had bijgedragen. Of beter gezegd, zijn boutje en moertje. Hún boutje en moertje. Achtenveertig jaar geleden al het symbool van de liefde tussen twee personen. Nu, na maandag 13 april, voor heel veel mensen een voortdurende herinnering aan de man die toen meende niets te kunnen geven, maar zijn hele verdere leven alles gegeven heeft wat hij kon…

Jo,

jij stippelde de route uit
reed altijd vooraan in de stoet
ja, dat was jij ten voete uit
je deed het niet, of deed het goed

je reparatie skills, echt onbetwist
je leven lang daaraan besteed 
zocht steevast op wat je niet wist
en zo bleef je kennis up-to-date

alles kreeg je aan de praat
totdat je lichaam panne kreeg
technisch wist jij steeds wel raad
maar deze handleiding bleef leeg

toch pakte jij het heel goed aan 
beheerst, berustend en vertrouwd 
je hebt het op jouw manier gedaan
net als toen met moer en bout

één dag, vóór dat je zou gaan
liet jij het los en was je vrij…
en toch… ben jij voortaan
met elke ‘tas koffie’ er nog bij…

GvdM | 100426

Multifocaal, maar dan anders…

Schreef ik eergisteren in de letterlijke zin over multifocaal, vandaag wil ik even afdwalen naar wat het woord ‘multifocaal’ ook bij me oproept. Daarmee los ik een belofte in die ik op de valreep eergisteren deed: Terugkomen op ‘de symboliek’ die ik in het woord zie. ‘Analogie’ is misschien een betere term. Maar whatever.

Ik bedoel het kunnen ‘kijken’ op meerdere manieren. Niet slechts vanuit één gezichtspunt, maar de beschikking hebben over meerdere ‘standpunten’. Welk standpunt je inneemt, wordt door heel veel factoren bepaald, maar het ‘multifocale’ zorgt ervoor dat je de mogelijkheid voor andere standpunten open houdt. Die moet je bij voorkeur ‘niet uit het oog verliezen’. Die analogie is aardig. Vind ik.

Daarmee krijgt ‘multifocaal’ iets ruimdenkends. Je blik niet op een ding gericht, maar ook oog houden voor iets anders. Of dé ander. Je zou bij ‘multifocaal’ zelfs aan inlevingsvermogen kunnen denken. En aan nieuwsgierigheid. ‘Multifocaal’ zijn omdat je je ook in de ander kan en wil verplaatsen. Zijn of haar kijk op de zaak kunt ‘zien’ en niet enkel je eigen visie interessant vindt.

Zo bekeken is ‘multifocaal’ veel breder dan een scherpe blik op wat dichtbij en veraf is. Het zou een manier van kijken kunnen zijn naar het heden en de toekomst. Ja, zelfs met het oog op het verleden, nog zaken kunnen duiden. ‘Multifocaal’ heel veel oplossen dat door kortzichtigheid niet goed gezien wordt. Of eenzijdig geinterpreteerd is. Het is maar net hoe je het bekijkt. Leuk om er ook op die manier eens naar te kijken.

Volgende week krijg ik mijn brilletje. Multifocaal. Spreekt voor zich. En ik ben benieuwd. Je schijnt er de eerste dagen best zeeziek van te kunnen worden. Heb ik dat ook eens meegemaakt. We zullen zien!

Multifocaal

Over een dikke week is ie klaar. Mijn eerste èchte bril. Multifocaal, zodat ik in de verte voortaan mensen makkelijker ga herkennen en bewùst terug ga groeten, en dichtbij alles drie-en-een-kwart keer groter zie. Met één bril, dus dat is niet gering. Net als de prijs trouwens, maar goed, als ik de komende jaren stevig door kijk, dan krijgen we dat wel op…

Mijn leesbril kan ik al een paar jaar niet meer missen. Voor het gemak heb ik op strategische plaatsen exemplaren klaar liggen. Een situatie die voor veel vijftig-plussers herkenbaar zal zijn. Begonnen met een vergroting van anderhalf, kon ik na verloop van tijd dezelfde bril krijgen met vergrotingsfactor twee. Daar heb ik er toen, via internet, een vijftal van besteld en daar teer ik nog steeds op.

Maar dat aantal blijkt geen garantie voor voortdurende scherpte. Gisteren zijn mijn ogen getest en heb ik geleerd dat mijn plus-afwijking, van gemiddeld een-en-een-kwart, van die factor twee van mijn leesbrilletje nog maar 0,75 over laat. Dat is mijn eigen vertaling van de uitleg die ik kreeg bij de factor 3,25 die in het leesdeel van mijn nieuwe bril wordt geslepen. 

  
Die uitleg past wel bij mijn eigen empirische waarneming, dat twee van mijn leesbrilletjes tegelijk op zo af en toe wel heel prettig kijkt. Een iPhone krijgt dan de allure van een iPad. Vooral in bed, bij het checken van de laatste berichtjes, geeft die forse vergroting ook forse kijkwinst. ‘Het oog wil ook wat’ heeft er voor mij een wezenlijke betekenis bijgekregen. In meerdere opzichten. Maar hoe een opticiën dat in financiele zin vertaald, was toch even nieuw voor me.

Afijn. Over een dikke week krijg ik een sms van mijn opticiën. Die zal ik nog lezen met één van mijn vijf factor twee brillen. Daarna ga ik het allemaal ’n factor drie-en-een-kwart ruimer zien. Als ik naar beneden kijk, tenminste. Als ik recht naar voren kijk -de toekomst tegemoet zeg maar- dan heb ik alles voor veel minder weer scherp op mijn netvlies. Om precies te zijn voor slechts een-en-een-kwart. Dat lijkt weinig, maar zo zie ik het niet…

Eigenlijk is dat in één zin wel de dubbelzinnige kern van de zaak. Ja, en als ik er goed over nadenk zit er nog veel meer symboliek in multifocaal. Misschien daarover later meer. Ik zie nog wel…